Posts

Afl. 4 Kleiner is fijner: Voortaan elke dag tandenpoetsen en flossen

Een ex-vriend van mij liet ooit al zijn amalgaamvullingen – die ouderwetse, lelijke grijze – vervangen door nieuwe witte. Niet uit esthetisch oogpunt, hoewel hij er ijdel genoeg voor was, maar in amalgaam zat kwik. En daar werd je depressief, zelfs suicidaal van (zoals je dat nu van gluten wordt, zeg maar). Mij leek dat ook wel een goed idee, want door mijn liefde voor hem, of eigenlijk zijn ontrouw, overwoog ik ook wel eens om uit het raam te springen. Maar toen bleek dat het uitboren op zich stapsgewijs en met beleid moest plaatsvinden ( al dat kwik dat anders in één klap vrijkwam!) besloot ik er toch van af te zien en het maar gewoon uit te maken voor mijn eigen gemoedsrust.
Hoewel dit alweer veertig jaar geleden plaatsvond, moest ik toch aan vaak aan hem denken deze week, toen ik mijn gang uitmestte. Want volgens de aloude Feng-Shui-leer waarop ik terug greep, is de entree van je huis vergelijkbaar met de mond van het menselijk lichaam. Jaren voordat de Japanse goeroe’s hun intrede deden, probeerde men Nederland al aan deze Chinese leer te krijgen bij wijze van opruim-inspiratie, maar het treurige resultaat is anno 2017 dat je te pas en te onpas Boeddha’s tegenkomt in het Hollandse interieur. Ik had echter al die tijd onthouden dat de gang je mond symboliseert en dat heeft me al die jaren dwarsgezeten.

Behalve stokoude amalgaamvullingen in de vorm van mandjes vol handschoenen, mutsen en ondefinieerbare voorwerpen, kwam ik ook nog rotte kiezen en tandplak tegen waarnaast een beetje kwik volkomen onschuldig lijkt. En volgens de websites die mij hiertoe aanzetten, ben ik er nog lang niet.

(What’s holding me back? Nou: Pip in mand 3 bijvoorbeeld)

Helder en licht, meditatieve kwaliteit en gastvrijheid zijn volgens Homify te bereiken met Feng-Shui, en daar plaats ik nog steeds mijn vraagtekens bij. Voor wie het niet ziet: de onderste foto is after het Feng-Shui-en. Ik ben er best tevreden over, al baart de spiegel mij nog zorgen: een spiegel mag niet naar de deur gericht zijn (check) en vooral niet te groot zijn (twijfelgeval), want dan weerkaatst hij het huiselijk geluk naar buiten.

Enfin, dit heb ik maar even onder ‘bangmakerij’  gesorteerd. Het begin is er nu, mondhygiëne-technisch gesproken en ik moet zeggen, er komt zeker wat bij me los: overal in huis liggen vuilniszakken waarin ik, volslagen willekeurig, van alles deponeer. Ik heb een oude iPad cadeau gedaan aan een klein jongetje en de grote tas met make-up spullen en kralen is de deur uit. Zeker dertig losse handschoenen zijn verdwenen en bergen schoenen zijn weggewerkt. Nu alleen nog maar dagelijks bijhouden, tot de grote verhuizing plaatsvindt…..

 

Wie nog wat Feng-Shui pornobeelden zoekt, kan het beste gewoon Feng-Shui afbeeldingen googlen. De websites vallen tegen wat plaatjes betreft. Tips en betekenissen zijn uiteraard volop te vinden:

Makeover, Interieurdesigner, Asvo  

 

En wat deden jullie met Sinterklaas?

Met Sinterklaasavond hebben we mijn moeder en haar vriend verrast. Zij wist van niets  – mijn man vreesde voor een hartaanval op pakjesavond – haar vriend dacht dat we bij wijze van suprise kwamen eten. Het viel gelukig allemaal goed, zodra mijn moeder de jutezak (ooit van haar geweest) met cadeautjes zag staan, beval ze mijn jongste om haar bijdrage er ook in te stoppen. Het was een door haar in keukenpapier verpakte set pasteibakjes + blikje kippenragout, het enige feestelijke dat ze in het winkeltje van haar seniorenflat voor haar vriend kon vinden.

We deden een eerste ronde cadeaus met gedichten en propten ons om haar kleine tafeltje voor de kaasfondue. Ze was vrolijk, helder en blij, had rode konen van de wijn en genoot. Om elf uur reden we weg, zoals altijd belovend dat we bij thuiskomst even zouden bellen. Het was een geweldige avond.

Twee dagen later traden we opnieuw met z’n allen aan, verwacht dit keer, want het was haar 91e verjaardag. Dit keer geen grote partij zoals vorig jaar, maar er lagen kaarten, er waren bloemen en attenties, er was de hele dag gebeld. Ze was bepaald niet vergeten. Amper zaten we genoeglijk op de bank of ze keek me lief glimlachend aan en vroeg:

‘En, wat hebben jullie met Sinterklaas gedaan?’

Zo gaat het dus met haar, op en neer. De ene dag scherp, de volgende dag in de mist.

‘Mam, zal je deze maand niet teveel geld uitgeven?’
‘Nee hoor schat’ (waarna ze vrolijk op de pof allerlei overbodigs inslaat in bovengenoemd winkeltje)

‘Mam, zal je je hond niet vermoorden door haar teveel lekkers te geven?’
‘Natuurlijk niet!’ (en vervolgens vind ik een plak ontbijtkoek met dik boter in de voerbak)

Mijn moeder, die ik als kind ook wel eens op een leugentje betrapte, weet precies wat ik wil horen. Ik vermoed dat ze het op zo’n moment echt meent, al doet ze vaak het tegenovergestelde zodra ik niet in de buurt ben. Ze weigert te erkennen dat ze lichtelijk dementeert, waarom zou ze ook. Maar ze wordt wel ongelukkig van de wazige dagen die ze doormaakt. En als ze me uitzwaait, staat er zo’n klein grijs vrouwtje achter de rollator, dat ik meteen weer terug wil gaan en bij haar wil blijven.

 

mam

[beeld uit video Adelheid Roosen]

Ik ben nooit een groot fan van Adelheid Roosen geweest, haar energie is de mijne niet zou je kunnen zeggen, maar alle respect voor de video ‘Mam’ die zij in 2010 maakte. Haar moeder heeft Alzheimer en zij past zich aan haar aan, terwijl ik mezelf erop betrap dat ik het omgekeerde neig te doen en mijn moeder als een willoos karretje probeer te besturen. De centrale (niet door mij geformuleerde) vraag van de film is dan ook: wanneer neem je de regie over het leven van iemand over?

Dat moet je je blijven afvragen, telkens weer.

 

Meet the Clarks

Jaren terug was ik in Londen voor werk, samen met een bevriend regisseur (die tegenwoordig ook lomi-lomi massages geeft, maar dit terzijde). We bezochten de hippe restaurants van toen, aten onze tanden zwart aan een heerlijke inktvis-risotto en beluisterden flink aangeschoten de kerstliedjes van het Salvation Army, met dank aan ons research in diverse champagnebars. We came, we saw, we X-massed and we carrolled. 

Elk jaar hebben we het erover om het nog een keer te doen, maar het komt er nooit van. Ik heb toch een restaurant uitgezocht dat ik zeker zou willen bezoeken, mocht ons tripje onverhoopt doorgaan: Moro van Sam & Sam Clark. Of desnoods Morito, in het pand ernaast, waar de Clarks tapas verkopen.

Al sinds het mediterrane dieet als het allergezondst uit de bus komt, valt de naam Moro. Voor een artikel over deze eetstijl waarmee we jaren ouder kunnen worden, gebruikte ik het kookboek Moro London, in het Nederlands helaas alleen nog tweedehands verkrijgbaar, waarin het echtpaar Sam en Sam Clark laat zien wat ze allemaal met de groentes uit hun volkstuintje doen. En vooral: wat ze van hun buurman op het complex Hassan leerden, en van de andere Cyprioten, Koerden en Turken die daar een stukje grond bezitten: ‘Het oostelijke Middellandse Zeegebied bloeide in Hackney Wick.’

Ik heb al de meest bijzondere recepten uitgeprobeerd, van een bietensalade met pistachenotensaus en sinaasappelbloesemwater tot gebakken pittige bloemkool. Wat te denken van gerechten als Trinxat, Brandada, of Kibbeh Nayyeh?

De Clarks hebben me, met kruiden die ik op zich wel kende, een heel nieuw smaakpalet laten ontdekken en ik popel om te proeven hoe zij dat zelf aanpakken in hun restaurants. Ze zijn wel omnivoor, maar of je nou langer leeft dankzij hun recepten of niet, je wordt er in elk geval erg blij van.

Ter ere van Hassan doe ik zijn recept voor de vermaledijde aardappel erbij (ook ideaal voor de hobby-volkstuinder die een hoop ondermaatse krieltjes heeft geoogst). Je kunt het overal bij eten en het is typerend voor de bijzondere smaken van de Clarks:

Hassans gebarsten aardappelen met korianderzaad

voor 6 personen:

1 kg vastkokende nwe aardappelen, schoongeboend
2 theelepels zeezout
150 ml olijfolie
1 eetlepel korianderzaad, in een vijzel met stamper geplet
1 glas rode wijn
zwarte peper

hassanfoto

Breek elke aardappel een beetje met een zwaar object […]. Meng het zout erdoor en laat ze 5 minuten staan. Neem een wijde pan waar de aardappelen naast elkaar in passen en verwarm die op middelhoog vuur. Laat de olijfolie er heet in worden en doe het korianderzaad en de aardappelen erin. Roer goed, leg er een goed sluitend deksel op en zet het vuur laag.

Verwarm de aardappelen 20-30 minuten, schud de pan elke 5 minuten goed, tot de aardappelen gaar en gedeeltelijk bruin zijn (zet het vuur tegen het einde van de bereidingstijd eventueel wat hoger). Schenk de rode wijn erbij met een beetje zwarte peper, schud de pan weer goed en laat een paar minuten koken zodat de alcohol verdampt. Zet het vuur uit en laat de aardappelen 5 minuten staan.

Schep voor het opdienen de aardappelen uit de pan en schenk het lekkere bakvocht van olijfolie, rode wijn en koriander erover.

 

foto Sam & Sam Clark uit The Guardian. Uit diezelfde krant komt ook dit recept voor varkensvlees uit het nieuwste boek van de Clarks, dat helaas pas in voorjaar 2015 in het Nederlands bij uitgeverij Kosmos verschijnt.

Lomilomi, iemand?

Een goede vriend van mij deed me een offer I couldn’t refuse: een twee uur durende lomilomi-massage en het enige wat ik hoefde te doen was mijn lichaam beschikbaar stellen. Hij had net z’n certificaat gehaald en zocht wat proefkonijnen. Voor ik het wist had ik ‘ja graag’ gezegd, want als er iets is waar je me altijd voor kunt porren, is het een massage.

Pas toen de afspraak was gemaakt, realiseerde ik me twee dingen: dit was geen anonieme masseur maar een vriend, wat toch akward kon worden – en wat was in hemelsnaam lomilomi? Dat ik volgens Wikipedia vrijwel naakt bewerkt zou worden met onderarmen en bamboestokken, maakte het vooruitzicht niet veel relaxter.

Lomilomi betekent letterlijk massagemassage (de verdubbeling geeft de intensiteit aan) en komt oorspronkelijk uit Hawaii. De masseurs werden vroeger al op hun vijfde geïdentificeerd en vanaf die leeftijd getraind, een beetje à la de Dalai Lama zeg maar. Mijn vriend wist dat de techniek in ieder Hawaiiaans gezin werd beoefend, vooral in oorlogstijd. Hij zou ook wat Reiki in zijn behandeling stoppen, beloofde hij, waar ik niet al teveel van af weet, maar dat leek me mooi meegenomen.

Na tien minuten op de massagetafel probeerde ik krampachtig niet door het gezichtsgat op de vloer te kwijlen en was ik volledig van de wereld. Ik had geen benul meer wie me behandelde, vriend of vijand (nee, geen vijand, zeker niet), en het toppunt van ontspanning bereikte ik doordat ik ritmisch met de bamboestokjes werd geslagen. Het was hemels en ik heb nog dagen erna een paar centimeter boven de vloer lopen zweven.

Lomilomi anyone? Richard ontvangt je graag in zijn tuinhuis, dat op zich al heel ontspannend aan de Vecht ligt. Een lomilomi-massage, inclusief Reiki en een incidentele chant kost 85 euro voor 2 uur, en daar heb je heus langer plezier van.

Mail voor een afspraak rlsm3757@gmail.com.

 

Dit werkt. Een beetje.

Een terugkerend onderwerp in mijn leven – en waarschijnlijk op dit blog – is slapeloosheid. Die begon bij mij al op m’n achtste, en ik heb sindsdien alles in het spectrum van Valdispert tot valium geslikt, maar niets hielp echt.

Ik heb alternatieve geneesmiddelen geprobeerd, en dan heb ik het over anti-histamine tabletten tegen allergie en sterke Spaanse hoestdrankjes waar ik heerlijk suf van werd, en niet over de homeopatische valeriaan-achtigen. Geen alcohol. Véél alcohol. Magnesiumolie. Supersterke melatonine die je alleen onder de toonbank bij Jacob Hooy kon kopen, L-tryptofaan die ik bij een webwinkel bestelde die naar de hoopgevende naam ‘Perfect Body’ luisterde. Cortisone-remmers die ik uit Amerika liet invliegen. Lormetazepam en Solpiderm tot ik er depressief van werd.

Gezondere tijden braken aan met powernaps overdag, yoga-voor-het-naar-bed-gaan, mindfulnessoefeningen op de iPod en het bekijken van ASMR filmpjes op YouTube waar je óf als een blok van in slaap kon vallen, of een hersen-orgasme van kon krijgen. Geen van beide helaas.

Wat vergeet ik nog? O ja, zelfhypnose. Met achterovergebogen hoofd naar een punt staren en tegen mezelf zeggen dat ik goed zou slapen tenzij er brand uitbrak, dan mocht ik snel wakker worden. Ik probeerde het uit tijdens de vakantie in een binnentent – het was te warm om de hele tent op te zetten – en verdomd, ik werd gewekt door regendruppels die door het doek heen sijpelden. Geen bluswater, constateerde ik opgelucht en sliep verder. De volgende dag constateerde ik echter ook dat het die nacht niet had geregend. Bestudering van de tent wees uit dat een hond die nacht op mijn gezicht had gepiest. Einde zelfhypnose. Einde kamperen.

O jee. Heb ik nou zojuist de eigenaar van de tent via Facebook uitgenodigd mijn blog te volgen?

Hoe dan ook, een paar maanden geleden, ik zat brak voor de spiegel en zag dat mijn wallen niet langer een tijdelijk verschijnsel waren, heb ik me spontaan opgegeven voor een slaapcursus bij ene Rob de Ron in het spirituele centrum De Roos.
In één dag leerden wij cursisten onze rust niet vlak voor het slapen, maar overdag een kwartier lang te pakken, zónder in slaap te vallen. Uiteraard lag de helft van de mensen die zeiden nóóit te slapen al na vijf minuten als een beer te snurken. We kregen CD’s mee met daarop Rons’ rustgevende stem (je zal met die man getrouwd zijn) en ik heb netjes de oefeningen gedaan.

Ik moet zeggen: dat het kalmeren van je onrustige lichaam en geest aan te leren is, is een ontdekking. Zonder het oefenen overdag lig ik als vanouds urenlang te piekeren en ik slaap vaak beter in mét. Nu zie ik op de website dat de slaapcursus inmiddels Sleepfulness-methode is gedoopt en dat de prijzen gestegen zijn, maar dat gun ik Ron van harte.

 


En, doet het iets voor je?

Nee, dan de Sleepfulness-methode van Rob de Ron.

Foto: Lois, door Lisa-Xiu Kok 

 

Nooit meer sporten, eh, zitten

Sinds een tijdje werk ik staand. Dat doe ik vooral om niet te hoeven sporten. Ik interpreteer hiermee het onderzoek van de Limburgse arts-onderzoeker Bernard Duvivier behoorlijk verkeerd, dat weet ik ook wel, maar ik was zo blij dat het niet van levensbelang blijkt om je naar de sportschool te slepen, dat ik mijn bureau tot sta-hoogte heb opgekrikt.

Wat blijkt: 1 uur sporten en de rest van de dag op je luie achterste zitten, heeft helemaal geen zin! Juist dat zitten is funest voor de suikerspiegel en de aanmaak van cholesterol. Het lichaam sukkelt ervan in een slaapstand en dan maakt zo’n uurtje sporten weinig tot geen verschil. Staan daarentegen heeft een heel goede invloed op het systeem. Van een uur lopen, slenteren (=shoppen) en staan, dalen het cholesterolgehalte en de vetten in het bloed zelfs méér dan na een uur fietsen!

Er zijn natuurlijk vernuftige, doch vaak lelijke, stabureaus te koop, tweedehands doen die altijd nog zo’n driehonderd euro, maar de schragen van het witte Ikea-bureau dat mijn dochter heeft afgeschaft, laten ook een hoge sta-stand toe. En als ik moe word, biedt een gammele pianokruk even steun.

Bijkomend voordeel: staand werken nodigt uit tot het doen van bil- en buikspieroefeningen en ook de Kegels (zal een link plaatsen) gaan als vanzelf. Het staan bevalt kortom uitstekend, al moet ik ’s avonds wel languit op de bank liggen om bij te komen. En raad eens wat nog slechter is dan zitten?

 

– Een persbericht met het goede nieuws van Bernard Duvivier
– Kegeloefeningen, al leidt de site misschien wat af van het werk

finnvard-schraag-met-plank__0256700_PE400793_S4

– De schraag van Ikea, vroeger ook in het wit te koop

 

Foto: Lisa Xiu Kok